Op 15 september is het 92 jaar geleden dat Lucebert (1924-1994) geboren werd, de Bergense dichter van onvergetelijke zinnen als ‘Overal zanikt bagger’ en ‘Alles van waarde is weerloos’. Die laatste zin staat nog steeds in grote neonletters op het dak van een Nederlandse verzekeraar. Het is een tot aforisme, zelfs tot spreekwoord geworden versregel van de dichter Lucebert.

Lucebert werd en wordt weleens getypeerd als een ontoegankelijk dichter. Des te opmerkelijker is het hoeveel sporen hij heeft achtergelaten in de omgangstaal. In tal van literaire en niet-literaire teksten wordt onnadrukkelijk of juist expliciet verwezen naar passages uit zijn gedichten: ‘de ruimte van het volledig leven’, ‘omroeper van oproer’, ‘dichters van fluweel’, ‘het proefondervindelijk gedicht’, ‘de blote kont van de kunst’, ‘een ritselende revolutie’ – het is maar een greep uit het dichterlijk erfgoed van Lucebert dat zich in de omgangstaal heeft genesteld. Daarnaast heeft hij prachtige aforistische zinnen geschreven, die soms overbekend zijn, maar waarvan vele ook verborgen in zijn gedichten te vinden zijn.

In Wie wil stralen die moet branden zijn deze citaten en aforismen uit het oeuvre van Lucebert bijeengebracht door Ton den Boon (hoofdredacteur van de Dikke Van Dale), die
tevens een inleiding schreef over Luceberts poëzie en diens invloed op de Nederlandse taal.

Het boekje is verlucht met niet eerder gepubliceerde tekeningen van Lucebert.